LEGALE ZAKEN

Zakelijk nieuws / Juridisch perspectief

Thema

Fraude:

Mag afgedwongen informatie worden gebruikt als bewijs voor een bestuurlijke boete?

Niemand kan gedwongen worden mee te werken aan zijn eigen veroordeling. Dit beginsel staat in het strafrecht bekend als het nemo tenetur beginsel. Een belangrijke grondgedachte achter dit beginsel is dat dwang of druk de betrouwbaarheid van een verklaring aantast, maar ook dat ongeoorloofde dwang op een verdachte niet wenselijk is.

Het zwijgrecht van een verdachte is het meest absolute en bekende recht dat zijn oorsprong kent in het nemo tenetur beginsel. Maar het beginsel omvat meer aspecten. Kun je bijvoorbeeld gedwongen worden fysiek mee te werken aan het onderzoek, denk aan het geven van vingerafdrukken? Ben je verplicht documenten te overhandigen aan de instanties? Deze laatste vraag stond centraal in een zaak bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in een zaak tegen Nederland.

De situatie dat een verdachte documenten dient te verstrekken komt niet vaak voor in het strafrecht. Opsporingsinstanties hebben voldoende mogelijkheden om documenten – zoals bankafschriften – in beslag te nemen. Dit kan bijvoorbeeld door een doorzoeking bij de verdachte thuis of een vordering aan de bank.

In het bestuurlijk boeterecht hebben de toezichthoudende autoriteiten echter minder vergaande bevoegdheden om documenten in beslag te nemen. Neem bijvoorbeeld de Belastingdienst: de fiscus is voor het overgrote deel – los van derdenonderzoeken – afhankelijk van informatieverstrekking door de belastingplichtige zelf. Maar, als de Belastingdienst een fiscale boete wil opleggen, geldt ook het recht op een eerlijk proces. Dit betekent dus eveneens dat het nemo tenetur beginsel van toepassing is op het moment dat de Belastingdienst een vermoeden heeft dat er bijvoorbeeld opzettelijk een onjuiste aangifte is ingediend.

Afgedwongen informatie

De vraag die voorlag bij het EHRM was of en wanneer afgedwongen informatie voor het bewijs van een boete mag worden gebruikt. Een belastingplichtige is in beginsel verplicht fiscaal relevante gegevens en documenten te overhandigen op grond van artikel 47 van de Algemene Wet Rijksbelastingen. Doet iemand dit niet of onjuist of onvolledig dan levert dit op zichzelf een beboetbaar of strafbaar feit op. De Belastingdienst kan eveneens bankafschriften afdwingen via een kort geding procedure door middel van een dwangsom. De vraag is dus of de dwang en druk die hiervan uitgaat niet ongeoorloofd is waardoor het gebruik van dit bewijs voor een boete in strijd is met het nemo tenetur beginsel.

Een Nederlandse belastingplichtige heeft na een langslepende procedure in Nederland een klacht ingediend bij het EHRM. De Belastingdienst had vragen gesteld aan de belastingplichtige naar aanleiding van een vermoeden dat deze belastingplichtige het vermogen op een buitenlandse bankrekening niet had aangegeven in zijn aangiften inkomstenbelasting. De klacht ziet erop dat deze documenten uiteindelijk zijn afgedwongen via een dwangsomprocedure bij de civiele rechter, en vervolgens zijn gebruikt voor het opleggen van een boete.

Geen fishing expedition

Het EHRM geeft een mooie uiteenzetting over het belang van het nemo tenetur beginsel. In de onderhavige casus erkent het Hof dat dwang is uitgeoefend om documenten te verkrijgen die vervolgens zijn gebruikt om een boete op te leggen.

De vraag is echter of deze situatie ook wordt beschermd door het nemo tenetur beginsel. Het Hof overweegt daartoe dat de documenten onafhankelijk van de wil van de verdachte bestonden en dat de autoriteiten op voorhand bekend waren met het bestaan van deze documenten. Er was in zoverre dus geen sprake van een fishing expedition. Verder is de mate van dwang niet zodanig dat gesproken kan worden van een schending van artikel 3 van het EVRM: het artikel dat foltering, onmenselijke of vernederende behandeling verbiedt. Het Hof komt daarmee tot de conclusie dat geen sprake is van een schending van het nemo tenetur beginsel.

Dit arrest biedt Nederland een belangrijke les. Ja, het is mogelijk om documenten via een dwangsomprocedure af te dwingen en te gebruiken voor een boete, maar alleen als de documenten onafhankelijk van de wil van de verdachte bestaan, en er mag geen sprake zijn van een fishing expedition.

Het Hof verwijst hiervoor naar twee andere zaken van het EHRM waar de verzoeken veel te ruim en algemeen waren geformuleerd. De verzoeken moeten dus concreet en specifiek zijn en de Belastingdienst moet concrete aanknopingspunten hebben voor het bestaan van de documenten voordat deze in de onderhavige situatie kunnen worden gebruikt voor het bewijs van een boete.  

Door: Judith de Boer

Klik hier voor de uitspraak

Haken en ogen aan de strafbeschikking

Zeker voor ondernemers brengt het zijn van verdachte in een strafrechtelijk onderzoek in de regel veel bijkomende negatieve effecten met zich. Denk aan media aandacht, gevolgd door vragen van banken of het opzeggen van de relatie of andere dienstverleners die hun eigen reputatie beschermen. Rechtszaken zijn vaak lange trajecten. Het

Lees Verder >

Toeslagenaffaire in beeld gebracht: ‘Mensen zijn geen nummer’

Op het Stationsplein in Eindhoven is de tentoonstelling ‘Weggecijferd Teruggevochten’ te zien. Het zijn acht foto’s van mensen die gedupeerd zijn door de toeslagenaffaire, gemaakt door fotograaf Bert Teunissen. De SP nam het initiatief voor de tentoonstelling. Tienduizenden mensen werden onterecht als fraudeurs gezien door de belastingdienst, waardoor velen zwaar

Lees Verder >

Eerdere Berichten

Delen:

Twitter
LinkedIn
Email

Overzicht pagina:

Thema

Fraude:

Mag afgedwongen informatie worden gebruikt als bewijs voor een bestuurlijke boete?

Niemand kan gedwongen worden mee te werken aan zijn eigen veroordeling. Dit beginsel staat in het strafrecht bekend als het nemo tenetur beginsel. Een belangrijke grondgedachte achter dit beginsel is dat dwang of druk de betrouwbaarheid van een verklaring aantast, maar ook dat ongeoorloofde dwang op een verdachte niet wenselijk is.

Het zwijgrecht van een verdachte is het meest absolute en bekende recht dat zijn oorsprong kent in het nemo tenetur beginsel. Maar het beginsel omvat meer aspecten. Kun je bijvoorbeeld gedwongen worden fysiek mee te werken aan het onderzoek, denk aan het geven van vingerafdrukken? Ben je verplicht documenten te overhandigen aan de instanties? Deze laatste vraag stond centraal in een zaak bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in een zaak tegen Nederland.

De situatie dat een verdachte documenten dient te verstrekken komt niet vaak voor in het strafrecht. Opsporingsinstanties hebben voldoende mogelijkheden om documenten – zoals bankafschriften – in beslag te nemen. Dit kan bijvoorbeeld door een doorzoeking bij de verdachte thuis of een vordering aan de bank.

In het bestuurlijk boeterecht hebben de toezichthoudende autoriteiten echter minder vergaande bevoegdheden om documenten in beslag te nemen. Neem bijvoorbeeld de Belastingdienst: de fiscus is voor het overgrote deel – los van derdenonderzoeken – afhankelijk van informatieverstrekking door de belastingplichtige zelf. Maar, als de Belastingdienst een fiscale boete wil opleggen, geldt ook het recht op een eerlijk proces. Dit betekent dus eveneens dat het nemo tenetur beginsel van toepassing is op het moment dat de Belastingdienst een vermoeden heeft dat er bijvoorbeeld opzettelijk een onjuiste aangifte is ingediend.

Afgedwongen informatie

De vraag die voorlag bij het EHRM was of en wanneer afgedwongen informatie voor het bewijs van een boete mag worden gebruikt. Een belastingplichtige is in beginsel verplicht fiscaal relevante gegevens en documenten te overhandigen op grond van artikel 47 van de Algemene Wet Rijksbelastingen. Doet iemand dit niet of onjuist of onvolledig dan levert dit op zichzelf een beboetbaar of strafbaar feit op. De Belastingdienst kan eveneens bankafschriften afdwingen via een kort geding procedure door middel van een dwangsom. De vraag is dus of de dwang en druk die hiervan uitgaat niet ongeoorloofd is waardoor het gebruik van dit bewijs voor een boete in strijd is met het nemo tenetur beginsel.

Een Nederlandse belastingplichtige heeft na een langslepende procedure in Nederland een klacht ingediend bij het EHRM. De Belastingdienst had vragen gesteld aan de belastingplichtige naar aanleiding van een vermoeden dat deze belastingplichtige het vermogen op een buitenlandse bankrekening niet had aangegeven in zijn aangiften inkomstenbelasting. De klacht ziet erop dat deze documenten uiteindelijk zijn afgedwongen via een dwangsomprocedure bij de civiele rechter, en vervolgens zijn gebruikt voor het opleggen van een boete.

Geen fishing expedition

Het EHRM geeft een mooie uiteenzetting over het belang van het nemo tenetur beginsel. In de onderhavige casus erkent het Hof dat dwang is uitgeoefend om documenten te verkrijgen die vervolgens zijn gebruikt om een boete op te leggen.

De vraag is echter of deze situatie ook wordt beschermd door het nemo tenetur beginsel. Het Hof overweegt daartoe dat de documenten onafhankelijk van de wil van de verdachte bestonden en dat de autoriteiten op voorhand bekend waren met het bestaan van deze documenten. Er was in zoverre dus geen sprake van een fishing expedition. Verder is de mate van dwang niet zodanig dat gesproken kan worden van een schending van artikel 3 van het EVRM: het artikel dat foltering, onmenselijke of vernederende behandeling verbiedt. Het Hof komt daarmee tot de conclusie dat geen sprake is van een schending van het nemo tenetur beginsel.

Dit arrest biedt Nederland een belangrijke les. Ja, het is mogelijk om documenten via een dwangsomprocedure af te dwingen en te gebruiken voor een boete, maar alleen als de documenten onafhankelijk van de wil van de verdachte bestaan, en er mag geen sprake zijn van een fishing expedition.

Het Hof verwijst hiervoor naar twee andere zaken van het EHRM waar de verzoeken veel te ruim en algemeen waren geformuleerd. De verzoeken moeten dus concreet en specifiek zijn en de Belastingdienst moet concrete aanknopingspunten hebben voor het bestaan van de documenten voordat deze in de onderhavige situatie kunnen worden gebruikt voor het bewijs van een boete.  

Door: Judith de Boer

Klik hier voor de uitspraak

Eerdere Berichten

Delen:

Twitter
LinkedIn
Email

Overzicht pagina:

Privacy Cookies

Leuk dat u er bent. Nog even dit:

LEGALE ZAKEN maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren, om het mogelijk te maken content via social media te delen. Deze cookies worden ook geplaatst door derden. Wij gaan zorgvuldig met uw privégegevens om. Klik op ‘lees verder’ voor uitgebreide informatie.

Door deze melding weg te klikken of gebruik te blijven maken van deze site stemt u hiermee in. 

Privacy Cookies

Leuk dat u er bent. Nog even dit:

LEGALE ZAKEN maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren, om het mogelijk te maken content via social media te delen. Deze cookies worden ook geplaatst door derden. Wij gaan zorgvuldig met uw privégegevens om. Klik op ‘lees verder’ voor uitgebreide informatie.

Door deze melding weg te klikken of gebruik te blijven maken van deze site stemt u hiermee in.