LEGALE ZAKEN

Zakelijk nieuws / Juridisch perspectief

Altijd op de hoogte blijven?
Even inschrijven:

Opinie:

Opzet voor nieuwe Governance Code is teleurstellend

Een aanpassing van de Corporate Governance Code ligt op dit moment ter consultatie. Maar de meeste voorstellen zijn niet ambitieus genoeg, vindt hoogleraar ondernemingsrecht Gerard van Solinge.

De Monitoring Commissie Corporate Governance publiceerde eind februari een voorstel tot aanpassing van de Corporate Governance Code. De Code regelt de verhoudingen tussen het bestuur, de raad van commissarissen (rvc) en de (algemene vergadering van) aandeelhouders. De Code geldt alleen voor beursvennootschappen, maar heeft een voorbeeldfunctie voor andere bedrijven en semipublieke instellingen. De Code kan tussentijds worden aangepast. Het huidige voorstel voor aanpassing is een consultatiedocument, waarop iedereen tot 17 april mag reageren.

Om met de deur in huis te vallen: de voorstellen zijn weinig ambitieus en in enkele opzichten zelfs teleurstellend. De voorgestelde aanpassingen van de Code betreffen vijf onderwerpen.
Allereerst pleit het voorstel voor versterking van de betrokkenheid van aandeelhouders, waaronder de institutionele beleggers. Opvallend is daarbij dat aandeelhouders die een grotere shortpositie dan een longpositie hebben, zich onthouden van stemming. Eveneens opvallend is de aanbeveling dat uitgeleende aandelen moeten worden teruggehaald voor de registratiedatum van aandeelhoudersvergadering waar belangrijke besluiten worden genomen.

Ten tweede bevat het voorstel regels over diversiteit en inclusie (D&I). Die gaan niet alleen gelden voor de rvc – zoals nu in de wet staat – maar ook voor de raad van bestuur en de lagen onder de top. Niet langer gaat het slechts om een evenredige man-vrouwverhouding. Uitdrukkelijk worden nu ook leeftijd, genderidentiteit, nationaliteit en (culturele) achtergrond genoemd. Deze verschillende perspectieven moeten mogelijke groepsdenken voorkomen.

Responstijd
Enkele recente wetswijzigingen vereisen ook aanpassing van de Code. Dit geldt bijvoorbeeld voor de regels over bezoldiging van bestuurders. Maar de recente invoering van de wettelijke bedenktijd was voor de Monitoring Commissie geen reden om de zogenaamde responstijd van de Code aan te passen. Responstijd en bedenktijd geven het bestuur de mogelijkheid in bepaalde situaties de besluitvorming te bevriezen voor een periode van 180 respectievelijk 250 dagen. De Monitoring Commissie vindt een aanpassing niet nodig, omdat de responstijd ruimer kan worden ingezet dan de wettelijke bedenktijd, die slechts geldt bij vijandige biedingen en aandeelhoudersactivisme.

Verder bevat het voorstel nieuwe regels ter versterking van de positie van de interne auditfunctie, en ook de aanbeveling dat gedrag en cultuur meer aandacht krijgen bij de evaluatie van het bestuur en de rvc. De maatschappelijke discussie over seksueel grensoverschrijdend gedrag lijkt nog niet in dit consultatiedocument te zijn verwerkt. Wel blijft de regel dat het bestuur gedrag stimuleert dat aansluit bij de waarden van de onderneming en dit uitdraagt via voorbeeldgedrag. Gezien de ontwikkelingen bij bijvoorbeeld The Voice en Ajax, is dat laatste geen overbodige aanbeveling.

Teleurstellend zijn de voorstellen met betrekking tot het thema ESG: de environmental, social & governance aspecten van het ondernemen, waaronder de gevolgen van klimaatverandering. Mede naar aanleiding van voorstellen van een groep hoogleraren ondernemingsrecht is hierover een stevige discussie ontstaan.


Maatschappelijke zorgplicht
Een van die voorstellen is een maatschappelijke zorgplicht aan de wettelijke taakopdracht van bestuurders en commissarissen toe te voegen, zodat de vennootschap in de kern van de ondernemingsactiviteiten als verantwoordelijke vennootschap aan het maatschappelijk verkeer deelneemt. Het streven naar winstgevende continuïteit moet worden ingebed in een brede maatschappelijke verantwoordelijkheid.

De reacties op deze voorstellen waren fel. Vooral vanuit het grote bedrijfsleven, onder aanvoering van de belangenclub voor beursfondsen, Veuo. Nog meer olie op het vuur kwam van het vonnis van de rechtbank Den Haag in de zaak tegen Shell, afgelopen mei. Dit vonnis verplicht het olie- en gasconcern de eigen CO2-uitstoot en die van leveranciers en afnemers drastisch te laten verminderen.
In afwachting van komende Europese regelgeving, stelt de Monitoring Commissie nu voor dat bedrijven, rekening houdend met de belangen van hun stakeholders, een ESG-strategie met concrete doelstellingen formuleren en daarover verantwoording afleggen. That’s it. In dit magere resultaat is duidelijk de winnende hand van de Veuo te zien.

Europese voorhoede
Toeval of niet, maar ook eind februari heeft de Europese Commissie een voorstel voor de Directive on Corporate Sustainability Due Diligence (CSDD) gepubliceerd. Deze EU-richtlijn sluit aan bij eerdere initiatieven. De CSDD bevat ook een bepaling waarin staat dat de EU-lidstaten wettelijk moeten regelen dat bestuurders en commissarissen van vennootschappen rekening moeten houden met de duurzaamheid van hun besluiten op korte en (middel)lange termijn. Dit geldt onder meer op het gebied van mensenrechten, klimaatverandering en voor milieueffecten. Ook moet de wet bepalen dat een inbreuk op deze verplichting in strijd is met hun bestuurlijke taakopdracht. Vennootschappen die hier falen zijn aansprakelijk voor de schade. Dat lijkt sterk op het voorstel van de hoogleraren.

Over de CSDD is zeker het laatste woord nog niet gezegd. Maar één ding lijkt zeker: de Europese Unie gaat grote stappen maken. De Monitoring Commissie die gaat over de Nederlandse Corporate Governance Code kan zich nu niet meer veroorloven te blijven hangen in achterhoedegevechten.

Het wordt herfst, we krijgen paniek

Het zal weinigen ontgaan zijn dat op donderdag 8 september de Britse koningin Elizabeth op hoge leeftijd is overleden. Zeventig jaar lang was haar regeerperiode. Winston Churchill was haar eerste premier en Liz Truss haar laatste. De dood van de koningin markeert in vele opzichten het einde van een tijdperk.

Lees Verder >

‘Onafhankelijk advocaat-onderzoeker’? Hou toch op…

‘De rol van partijdige advocaat waarbij de belangen van de cliënt voorop staan is eenvoudigweg niet verenigbaar met de rol van onafhankelijk advocaat-onderzoeker.’ Ja!, dacht ik toen ik dat las in de recente uitspraak van de Amsterdamse tuchtrechter over dat omstreden fenomeen. Daar zijn we dus vanaf, hoopte ik. Maar

Lees Verder >

Eerdere Opinies

Groen wassen

Het is een kwestie waar veel rechters en toezichthouders zich vandaag de dag mee bezig houden: het verschil in perceptie tussen bedrijven die stellen groen

Lees Verder >

Delen:

Twitter
LinkedIn
Email

Overzicht pagina:

Opinie:

Opzet voor nieuwe Governance Code is teleurstellend

Een aanpassing van de Corporate Governance Code ligt op dit moment ter consultatie. Maar de meeste voorstellen zijn niet ambitieus genoeg, vindt hoogleraar ondernemingsrecht Gerard van Solinge.

De Monitoring Commissie Corporate Governance publiceerde eind februari een voorstel tot aanpassing van de Corporate Governance Code. De Code regelt de verhoudingen tussen het bestuur, de raad van commissarissen (rvc) en de (algemene vergadering van) aandeelhouders. De Code geldt alleen voor beursvennootschappen, maar heeft een voorbeeldfunctie voor andere bedrijven en semipublieke instellingen. De Code kan tussentijds worden aangepast. Het huidige voorstel voor aanpassing is een consultatiedocument, waarop iedereen tot 17 april mag reageren.

Om met de deur in huis te vallen: de voorstellen zijn weinig ambitieus en in enkele opzichten zelfs teleurstellend. De voorgestelde aanpassingen van de Code betreffen vijf onderwerpen.
Allereerst pleit het voorstel voor versterking van de betrokkenheid van aandeelhouders, waaronder de institutionele beleggers. Opvallend is daarbij dat aandeelhouders die een grotere shortpositie dan een longpositie hebben, zich onthouden van stemming. Eveneens opvallend is de aanbeveling dat uitgeleende aandelen moeten worden teruggehaald voor de registratiedatum van aandeelhoudersvergadering waar belangrijke besluiten worden genomen.

Ten tweede bevat het voorstel regels over diversiteit en inclusie (D&I). Die gaan niet alleen gelden voor de rvc – zoals nu in de wet staat – maar ook voor de raad van bestuur en de lagen onder de top. Niet langer gaat het slechts om een evenredige man-vrouwverhouding. Uitdrukkelijk worden nu ook leeftijd, genderidentiteit, nationaliteit en (culturele) achtergrond genoemd. Deze verschillende perspectieven moeten mogelijke groepsdenken voorkomen.

Responstijd
Enkele recente wetswijzigingen vereisen ook aanpassing van de Code. Dit geldt bijvoorbeeld voor de regels over bezoldiging van bestuurders. Maar de recente invoering van de wettelijke bedenktijd was voor de Monitoring Commissie geen reden om de zogenaamde responstijd van de Code aan te passen. Responstijd en bedenktijd geven het bestuur de mogelijkheid in bepaalde situaties de besluitvorming te bevriezen voor een periode van 180 respectievelijk 250 dagen. De Monitoring Commissie vindt een aanpassing niet nodig, omdat de responstijd ruimer kan worden ingezet dan de wettelijke bedenktijd, die slechts geldt bij vijandige biedingen en aandeelhoudersactivisme.

Verder bevat het voorstel nieuwe regels ter versterking van de positie van de interne auditfunctie, en ook de aanbeveling dat gedrag en cultuur meer aandacht krijgen bij de evaluatie van het bestuur en de rvc. De maatschappelijke discussie over seksueel grensoverschrijdend gedrag lijkt nog niet in dit consultatiedocument te zijn verwerkt. Wel blijft de regel dat het bestuur gedrag stimuleert dat aansluit bij de waarden van de onderneming en dit uitdraagt via voorbeeldgedrag. Gezien de ontwikkelingen bij bijvoorbeeld The Voice en Ajax, is dat laatste geen overbodige aanbeveling.

Teleurstellend zijn de voorstellen met betrekking tot het thema ESG: de environmental, social & governance aspecten van het ondernemen, waaronder de gevolgen van klimaatverandering. Mede naar aanleiding van voorstellen van een groep hoogleraren ondernemingsrecht is hierover een stevige discussie ontstaan.


Maatschappelijke zorgplicht
Een van die voorstellen is een maatschappelijke zorgplicht aan de wettelijke taakopdracht van bestuurders en commissarissen toe te voegen, zodat de vennootschap in de kern van de ondernemingsactiviteiten als verantwoordelijke vennootschap aan het maatschappelijk verkeer deelneemt. Het streven naar winstgevende continuïteit moet worden ingebed in een brede maatschappelijke verantwoordelijkheid.

De reacties op deze voorstellen waren fel. Vooral vanuit het grote bedrijfsleven, onder aanvoering van de belangenclub voor beursfondsen, Veuo. Nog meer olie op het vuur kwam van het vonnis van de rechtbank Den Haag in de zaak tegen Shell, afgelopen mei. Dit vonnis verplicht het olie- en gasconcern de eigen CO2-uitstoot en die van leveranciers en afnemers drastisch te laten verminderen.
In afwachting van komende Europese regelgeving, stelt de Monitoring Commissie nu voor dat bedrijven, rekening houdend met de belangen van hun stakeholders, een ESG-strategie met concrete doelstellingen formuleren en daarover verantwoording afleggen. That’s it. In dit magere resultaat is duidelijk de winnende hand van de Veuo te zien.

Europese voorhoede
Toeval of niet, maar ook eind februari heeft de Europese Commissie een voorstel voor de Directive on Corporate Sustainability Due Diligence (CSDD) gepubliceerd. Deze EU-richtlijn sluit aan bij eerdere initiatieven. De CSDD bevat ook een bepaling waarin staat dat de EU-lidstaten wettelijk moeten regelen dat bestuurders en commissarissen van vennootschappen rekening moeten houden met de duurzaamheid van hun besluiten op korte en (middel)lange termijn. Dit geldt onder meer op het gebied van mensenrechten, klimaatverandering en voor milieueffecten. Ook moet de wet bepalen dat een inbreuk op deze verplichting in strijd is met hun bestuurlijke taakopdracht. Vennootschappen die hier falen zijn aansprakelijk voor de schade. Dat lijkt sterk op het voorstel van de hoogleraren.

Over de CSDD is zeker het laatste woord nog niet gezegd. Maar één ding lijkt zeker: de Europese Unie gaat grote stappen maken. De Monitoring Commissie die gaat over de Nederlandse Corporate Governance Code kan zich nu niet meer veroorloven te blijven hangen in achterhoedegevechten.

Eerdere Interviews

Groen wassen

Het is een kwestie waar veel rechters en toezichthouders zich vandaag de dag mee bezig houden: het verschil in perceptie tussen bedrijven die stellen groen

Lees Verder >

Delen:

Twitter
LinkedIn
Email

Overzicht pagina:

Privacy Cookies

Leuk dat u er bent. Nog even dit:

LEGALE ZAKEN maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren, om het mogelijk te maken content via social media te delen. Deze cookies worden ook geplaatst door derden. Wij gaan zorgvuldig met uw privégegevens om. Klik op ‘lees verder’ voor uitgebreide informatie.

Door deze melding weg te klikken of gebruik te blijven maken van deze site stemt u hiermee in. 

Privacy Cookies

Leuk dat u er bent. Nog even dit:

LEGALE ZAKEN maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren, om het mogelijk te maken content via social media te delen. Deze cookies worden ook geplaatst door derden. Wij gaan zorgvuldig met uw privégegevens om. Klik op ‘lees verder’ voor uitgebreide informatie.

Door deze melding weg te klikken of gebruik te blijven maken van deze site stemt u hiermee in.